|
|
|
|
|
Gevaarlijke stoffen De zee is de eindbestemming waarin - via rivieren, atmosfeer of rechtstreeks lozingen - de polluenten terechtkomen afkomstig van activiteiten die de mens aan land uitoefent, zelfs wanneer die plaatsvinden op honderden kilometer van de kust. Minstens 80% van de zeevervuiling is afkomstig van die activiteiten aan land. De meest uiteenlopende stoffen worden in het milieu geloosd door bedrijven, voertuigen, gezinnen, landbouw, enz. Sommige van deze duizenden stoffen zijn erg gevaarlijk. Denken wij maar aan DDT, dioxines, PCB's, arsenicum, koper, enz. De aanduiding «gevaarlijk» houdt in dat de stoffen giftig zijn, slechts heel langzaam afbreken en zich opstapelen in de weefsels van zeeorganismen. Vervuiling door deze chemische stoffen is met het oog niet zichtbaar. Toch kan zij niet alleen het leven in zee en de werking van het ecosysteem verstoren, maar via de voeding ook nadelig zijn voor de mens. Op gecoördineerde basis wordt van deze lozingen en emissies een inventaris gemaakt via het studieprogramma betreffende de aanvoer via rivieren en de rechtstreekse aanvoer (RID) en het atmosfeerbewakingsprogramma (CAMP) zoals uitgetekend door de OSPAR. De samenvattende resultaten van deze programma's kan u terugvinden in het OSPAR Quality Status Report 2000 (QSR2000), RegionII Greater North Sea. Grafieken van de evolutie tijdens 19902000 van de vracht via de Schelde naar de Noordzee van 5 chemische stoffen (Cadmium, Kopper, Kwik, Lood en Zink) zijn beschikbaar. Het gemmideld debiet van de Schelde is ook getoond. In het kader van deze internationale conferenties ter bescherming van de Noordzee nemen de leden engagementen om de aanvoer van stoffen naar de Noordzee met 50% te verminderen vanaf het referentiejaar 1985. De BMM heeft de raming en de evaluatie van die verminderingen gecoördineerd. Heel wat doelstellingen werden gehaald maar inzake pesticiden ligt nog heel wat werk voor de boeg. OSPAR
heeft in 1998 zijn gevaarlijke-stoffenstrategie
(in het Engels) uitgetekend. Uiteindelijk doel daarvan is om te komen
tot concentraties in het mariene milieu die heel dicht bij de omgevingsconcentraties
liggen in het geval van stoffen die van nature voorkomen, en dicht tegen
nul voor alle synthetische stoffen. Om deze strategie kracht bij te zetten,
heeft OSPAR een selectie gemaakt van ongeveer 400 stoffen
die mogelijk een probleem vormen voor de mariene omgeving. Deze stoffen
werden gekozen uit duizenden gekende chemische stoffen, op basis van hun
eigenschappen
(persistentie, toxiciteit en bioaccumulatie), het gekende gebruik of andere
eigenschappen zoals de hormonale verstoring bij sommige dieren. OSPAR
koos uit deze 400, de meest problematische stoffen waarvoor prioritair
actie moet worden ondernomen. De lijst wordt regelmatig door OSPAR
aangepast. |
Kustvoorspellingen
|
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
© MUMM | BMM | UGMM 20022012 webmaster@mumm.ac.be De BMM is een departement van het Koninklijk Belgisch Instituut voor Natuurwetenschappen |